Rod Stewart

Rod Steward wordt ooit door bijna elke muziekcriticus de hemel in geprezen als wonderkind van de Rock ’n Roll. Niet veel later komt het commerciële succes en veranderen de prijzende pennen al gauw in snerpende tongen die spreken over een goedkope meelifter op de heersende trends. Stewart kent zijn meest productieve periode van 1960 tot 1975 waarin hij zijn albums met The Faces, de opvolger van The Small Faces, afwisselt met solowerk. Wanneer hij The Faces verlaat, gaat Rod in de Verenigde Staten op zoek naar nieuwe stromingen binnen de ‘mainstream’. Tussen de gelikte softrock in ‘Tonight’s The Night (Gonna Be Alright’) en de plastic pop in ‘Da Ya Think I’m Sexy’ mag inderdaad worden getwijfeld aan de smaak van de goede man, maar het gaat te ver om zijn belangrijke vroege werk met de Jeff Beck Group en de Faces zomaar onder de tafel te moffelen. De verzamelaars die de laatste jaren zijn uitgebracht bezitten muzikale argumenten te over om Stewart tot de elite van de rock te rekenen. Luisterend naar zijn Schotse Folk-Rock ‘van vroeger’ in ‘Handbags and Gladrags’, naar het Led Zeppelin-eske ‘(I Know) I’m Losing You’, of het uitgebalanceerde popnummer ‘Downtown Train’ moeten worden toegegeven dat er weinig is dat Rod Stewart niet heeft gedaan en nog minder dat hij niet goed heeft gedaan -met of zonder critici aan zijn zijde.
Sem Busser
Afbeeldingen
Bijzonderheden over Rod Stewart
Artiest
Rod Stewart
Homepage




